Theaterschoolfestival
19 - 24 juni Amsterdam

Alive and Typing


  • Op Locatie

    -

    - Locatie: Theater Bellevue -

    Alive and Typing, Writing for Performance, Hogeschool voor de Kunsten Utrecht - donderdag 20 juni

Negen afgestudeerde schrijvers presenteren hun werk.

Ten tijde dat de meeste schrijvers dood en vereerd zijn, beklimmen acht levende schrijvers het ITSpodium. Door deze schrijvers is een studietijd lang de verbeelding zó serieus genomen, dat de werkelijkheid zich onzeker begint te voelen. Ze presenteren acht gloednieuwe afstudeerscripts en hun eventueel hoopvolle toekomstbeeld.

De schrijvers brengen u via een sprookjesrijk naar het voorportaal van de dood, of een vakantiepark, een gat waar eerst een huis was, het ene moment zijn we in Amsterdam, dan in Prishtina, dan een ijssalon. Een emotioneel spektakel. Alles kan plaatsvinden in dit uur.
Iedereen op zoek naar een idee, een tekst, een schrijver, vertier: welkom!

Credits/schrijvers

Lars Koning
Falun Elbertse
Janneke Jansen
Vera Morina
Tessa van der Bijl
Dyllan Smulders
Julia ter Veld
Sebastiaan Hildesheim
Ivo Smit

Lars Koning (1993)

begon in 2011 aan de studie Muziekwetenschap in Utrecht. Hij ondervond dat hij veel plezier had in academisch schrijven, en dat hij ook op andere (meer creatieve) niveaus wilde leren schrijven. Daarom begon hij na het voltooien van Muziekwetenschap aan Writing for Performance.

Hij bouwt graag gedetailleerde storyworlds en settings – het verhaal van zijn afstudeerwerk, de toneeltekst “Rêvéria”, speelt zich af in een fictieve stad – en hij zet hierin personages neer die verwikkeld raken in een doodsstrijd om bevrijding.

In zijn eindscriptie doet hij onderzoek naar de manieren waarop de setting van een verhaal kan deelnemen aan het drama; dit vanuit de gedachte dat ook een immens grote wereld zich moet ontvouwen via de kleine belevingswereld en het intieme drama van het hoofdpersonage.
Lars vindt het interessant om in zijn teksten het midden te zoeken tussen theater, hoorspel en games, en om te experimenteren met taalconstructies. Humor en ritme zet hij hierbij in als bindmiddel. Schrijven is soms ook gewoon knutselen en componeren; langzaam na snel, zacht na hard, een lach die opzwelt en opzwelt en – dan ineens een klap in het gezicht.
De gepresenteerde scène, “Verlatings-ERROR III”, verschijnt in de bundel De nieuwen, uitgegeven door Theaterboek-Buitenkunst.

Janneke Jansen (1992)

nuanceert radicaal en duwt het publiek zachtjes naar nadenken toe met meestal tragikomische meta-teksten. Ze liep stage als schrijver en dramaturg bij Acteursgroep Wunderbaum. Dit jaar start ze HET Collectief (Hele Erge Thema’s) op met een paar theatermakers met wie ze voorstellingen maakte als ‘Nou mag ik toch vinden is toch mijn mening’. Volgend jaar gaat ze werken aan teksten met aan de basis de vragen: ‘Wat is volwassenheid?’ en ‘Wat is beter: altruïsme of egoïsme?’ Haar voorstellingen voelen als een open gesprek, waar niet direct een antwoord op hoeft te komen. Ze houdt van het onverklaarbare, wil filosofisch en concreet schrijven, met metaforen en taalexperimenten, in Bellevue en Frascati. Maar het leuke aan schrijven vindt ze ook, dat je het over de hele wereld kan doen, dus wellicht blijft ze niet in Amsterdam.

Voor haar scriptie over meta-lagen interviewde ze Walter Bart van Wunderbaum en hadden ze over hun angst: ‘Laat me niet alleen met een verhaal!’
In haar afstudeertoneelstuk Hulslozen komen twee erg verschillende duo’s in een voorportaal van de dood terecht, waar ze een identiteitsontrafeling doormaken onder leiding van een eenzame Bode, die zich afvraagt of al zijn collega’s het werk al hebben opgegeven.

Dyllan Smulders (1992)

heeft een lichte voorkeur voor film en tv want daar is hij mee opgegroeid. Toch schroomt hij het theater niet. Vaak probeert hij kwaliteiten van beiden in te zetten in het uiteindelijke werk, in welk medium dit ook eindigt. In dit werk laat hij zich graag betrappen op het gebruik van humor, ook als dat eigenlijk niet past. Dyllan’s favoriete vogel is de Meerkoet, vraag hem vooral waarom.
In Dyllan’s afstudeerfilmscript “Het Gat Waar Ik Woon” gaat een jongen op zoek naar zijn plek in de wereld na het verliezen van zijn huis. Dat blijkt best lastig te zijn.
In Dyllan’s afstudeerscriptie gaat een jongen (Dyllan) op zoek naar hoe hij een positie in kan nemen in het werkveld die overeenkomt met zijn idealen. Dat blijkt best lastig te zijn.
Vanavond voert Dyllan drie goden, twee gebouwen, en één vliegtuig op. Wees gerust, hij heeft zijn research gedaan.

Falun Elbertse (1992)

schrijft scenario’s en maakt films. Ze vertrekt vanuit haar eigen perspectief en probeert dit universeel voelbaar te maken. Vaak gaat haar werk over verbinding, en dan vooral over wanneer verbinden niet lukt. Haar werk is tragikomisch met absurdistische trekken, realistisch, rauw en met een vleugje magie.

Haar afstudeerscriptie ‘Streven in Schaarste’ is een onderzoek naar de werking van machteloze personages in film, en in het verlengde daarvan een onderzoek naar machteloze mensen. De scriptie gaat in op de schaarste die deze mensen in hun milieu ervaren, en op het beperkende effect wat deze schaarste heeft. De scriptie benadrukt het belang van machteloze personages in film: deze genereren empathie voor machteloze minderheden in de maatschappij.

Haar afstudeerwerk ‘De langste dagen’ is een scenario voor een tragikomische mozaïekfilm, de vertelling volgt een tiental personages die zich door in- en externe omstandigheden machteloos voelen en gedragen. Ze missen bovenal connectie met de mensen om zich heen en zitten vast in hun isolement.

Falun zal komend jaar aan de HKU Audiovisual Media gaan studeren om zich op die manier meer in het filmvak te verdiepen en een breed inzetbaar filmmaker te worden. Eise Ivo Smit (1987) had al een heel pad afgelegd voor hij op de schrijfopleiding terecht kwam waar hij een eigengereide en eigenwijze schrijver van toneel, filosofie en poëzie is geworden.

Ivo schrijft het liefst over grote onderwerpen als dood, leegte, stilte, ruimte en tijd. Bovendien is hij mateloos geïnteresseerd in het proces van schrijven (misschien nog wel meer dan de producten die het oplevert). Dit heeft alles te maken met zijn voorliefde voor filosofie, zowel Oosters als Westers, geschiedenis, archeologie en kunst.

Waar hij nu naar toe gaat, weet hij nog niet, maar vooralsnog is hij van de plan de ingeslagen Weg te volgen.

Niet geheel onbelangrijk te vermelden: Hij is al zijn hele leven fan van Ajax.

Gepresenteerd wordt een fragment uit zijn scriptie ‘Volwassen teksten voor Innerlijke kinderen’, waarin hij de dialoog aangaat met zijn innerlijke kind over wat ‘schrijven’, ‘kunst’ en ‘leven’ nou eigenlijk betekent (in deze wereld).

Sebastiaan Hildesheim (1994)

is een baldadige schrijver met een spelachtergrond, hij is dan ook het liefst op de vloer te vinden om zo inspiratie te halen uit zijn medemakers. Hij schrijft absurdistische, humoristische, vunzige en rauwe teksten die straight to the point zijn om zo zijn publiek te prikkelen. Korte zinnen met niet al te veel poespas. De speelbaarheid van zijn teksten staat centraal en is voor hem dan ook belangrijker dan het literaire gehalte. Sebastiaan schrijft graag over de sukkeligheid van de mens, het alsmaar vallen, opstaan en weer doorgaan. Een eindeloos proces waarin de mens zijn ware kracht laat zien.

In zijn teksten toont hij een grote interesse voor de Griekse mythologie. Hij houdt ervan om de figuren uit de mythen in de volgens hem absurde wereld van het nu te plaatsen. Een wereld die misschien nog wel onbegrijpelijker is dan toen.

Julia ter Veld (1994)

geeft met haar schrijven aandacht aan dingen die ze als normaal mens voor lief zou nemen. De zee, de zon, een hamster, een vogel krijgen meestal stem omdat ze zich anders niet kunnen laten gelden. Omdat luisteren zo moeilijk is geeft Julia zo toegankelijk mogelijke taal aan dat wat ondergeschoven of gewoon domweg vergeten wordt.

In “Ik heb hier nog een ei te leggen.” (afstudeeressay) wordt een tweedejaars ongevraagd met brieven van een afstuderend scenarist overladen. In deze brieven wordt een poging gedaan om de scheiding tussen professionaliteit en intimiteit weg te nemen. Ondersteund door een Arabisch filosofe, het boek ‘Soms is liefde dit’, een handvol vrouwelijke filmmakers en vele anderen wordt er inzicht gegeven in het hoofd en lijf van de scenarist, en hoe ermee om te gaan.

‘JANNA is een TRUT’ (scenario) gaat over de verwachtingen rondom seksualiteit, intimiteit en vriendschap. Hoewel wij vaak spreken in nuance denken we meestal zwart-wit. Die onuitgesproken zwart/wit verwachtingen worden minder monsterlijk zodra de vervreemding toeslaat. Zo ook bij Janna, de trut.

Het fragment dat we lezen speelt net na een Goois 21-diner, en net vóór een huisfeest. Even thuis, even helemaal me-time voor Jan.
Vera Morina (1995) is een Nederlands-Kosovaarse schrijver van toneel, scenario en poëzie. Vanwege een grote liefde voor grote verhalen, liep ze tijdens haar studie stage bij Warner Bros., Toneelgroep Amsterdam, Wijksafari AZC en Het Nationale Theater. Thema’s die veelvuldig terug te vinden zijn in haar werk zijn popcultuur, afkomst, identiteit en seksualiteit. “Ik schrijf,” zegt ze. “Omdat theater en literatuur mij leerde dat er buiten onze alledaagse realiteit nog een werkelijkheid bestaat: de verbeelding, de fantasie. Dat was een verlossing die ik iedereen wil schenken.”

In haar scriptie “Hoe je als theatermaker verantwoordelijkheid neemt voor je positie binnen een geïnstitutionaliseerd racistisch systeem” onderzoekt Vera het begrip culturele diversiteit aan de hand van het boek ‘Hallo witte mensen’ (Anousha Nzume), de Wijksafari AZC (Adelheid + Zina) en De wereld volgens John (Het Nationale Theater).

Vanavond laat Vera twee korte scenes horen uit ‘What happened in Prishtina?’ Een familiedrama in drie delen dat zich afspeelt in een dorp in Kosovo, op ongeveer drie kwartier rijden van de hoofdstad Prishtina.

Tessa van der Bijl (1993)

– wisselt haar schrijverschap af met makerschap, en toneel met film. Tessa heeft een voorliefde voor aandoenlijke angsthazen die niet kunnen of willen reflecteren op zichzelf en de wereld om zich heen. Met deze tragikomische kijk op het leven benadert ze zwaarte met een knipoog. The lovely chase for the one and only Y. The Telephone Guy (werktitel scenario) is een work in progress. In een realistische dystopie beweegt Eula passief door de ingewikkelde, verwarrende liefdespraktijk van nu. In een parallelle 2d sprookjeswereld (waar liefde verboden is) vecht de parallelle Eula voor hoop en echte liefde. Een sprookjesfilm over verukkelijke allesbedwelmende liefde, hartstochtelijke verwarring en de angst om risico’s te nemen.

In haar bijhorende scriptie stelt Tessa dat het sprookje door de commercie een dramaturgische status quo heeft bereikt. Het is daarom nodig om de puzzel uit elkaar te halen en opnieuw in elkaar te zetten. In brieven neemt ze de personificatie van Hollywood mee om het volkssprookje te ontleden.

Vanavond – presenteert Tessa een fragment van de tekst die ze heeft geschreven tijdens haar stage bij Theatercompany Clubbed Thumb (NYC, NY). Voor vandaag heeft ze de tekst uit het Engels naar het Nederlands vertaald.

Regie Hilde Tuinstra
Spel Marloes IJpelaar, Ella Kamerbeek, Hannah van Lunteren, Malou Gorter

Theater Bellevue

Alive and Typing vindt plaats in Theater Bellevue, buiten de Nes.

Adres
Leidsekade 90-AHS
1017 PN Amsterdam